‘Vele jaren later, staande voor het vuurpeloton, moest kolonel Aureliano Buendía denken aan die lang vervlogen middag, toen zijn vader hem meenam om kennis te maken met het ijs.’
Wie deze beginzin van een roman niet kent, is af.
Ik zal geen spelletjes spelen: het in de beginzin van de roman Cien años de soledad, in vertaling Honderd jaar eenzaamheid, in 1967 gepubliceerd door de Colombiaanse schrijver Gabriel Garcia Marquez. En volledigheidshalve, voor het geval je gedwongen bent het boek in vertaling te lezen, toch die eerste zin in het Spaans: Muchos años después, frente al pelotón de fusilamiento, el coronel Aureliano Buendía había de recordar aquella tarde remota en que su padre lo llevó a conocer el hielo.
Het had maar weinig gescheeld of de magistrale zestiendelige Netflix-serie was er niet van gekomen. Want bij verschijnen van het magisch-realistische meesterwerk had de auteur bepaald dat het boek niet verfilmd mocht worden; ten eerste was dat volgens hem op zich al vrijwel onmogelijk, bovendien vreesde hij dat die verfilming dan in handen zou vallen van Hollywood, met Amerikaanse acteurs en Engels gesproken.
Daar had Marquez groot gelijk in, en gelukkig werd dat ingezien toen de erfgenamen van Marquez alsnog toestemming gaven, maar onder voorwaarden: te verfilmen in Colombia, met een Colombiaanse regisseur (het werden er twee) Colombiaanse acteurs en, heel belangrijk, Colombiaans Spaans gesproken – een deel van het verhaal, zoals die eerste zin, komt uit de mond van een voice-over, wiens rauwe, lichtelijk hese stemgeluid sterk bepalend is voor de sfeer van de film. Net als trouwens de muziek, behalve oorspronkelijk gecomponeerd ook van de hand van David Bowie en W.A. Mozart en enkele minder bekende Zuid-Amerikaanse componisten.
Het werd een serie met maar één negatieve eigenschap: dat we na de eerste acht delen veel te lang op de acht delen van de tweede serie hebben moeten wachten.
Het boek was mooi, de serie op een andere manier aanzienlijk mooier. Korte samenvatting: José Arcadio Buendía vermoedt het bestaan van spoken en kwade geesten in zijn Colombiaanse dorp, en besluit op zoek te gaan naar een plek waar die hem met rust zullen laten; door zich te onttrekken aan het leven in Colombia en elders, in niemandsland zijn idealen te realiseren. Hij wil naar de zee, waarvoor een tocht over de Andes nodig is. Hij krijgt een grote groep mensen mee, die niet weten wat ze wachten staat, maar zich daar dapper doorheen slaan. De zee bereiken ze niet, ze trekken enkele jaren door het gebergte, blijken soms maandenlang rondjes te hebben gelopen, komen door bijna onoverkomelijke moerassen, en besluiten dan ermee op te houden en ter plekke een geheel nieuw dorp te stichten: Macondo.
Terwijl dat dorp vorm krijgt doemt er ‘bezoek’ op in de vorm van een soort kermistroep, die van alles te koop heeft, voorstellingen geeft en demonstraties met ‘wetenschap’: hoe je ijs (dát ijs dus) maakt en hoe je met een magneet metaal zoekt – en dan krijgt de zoektocht naar een methode om goud te maken, Buendía in de greep van de alchemie. Hij doet niets anders meer, wordt er stapelgek en brengt jaren door, vastgebonden aan een boom.
Zijn vrouw Ursula – zij zal bijna alle zeven generaties Buendías overleven – heeft andere problemen: niet alleen alle bezigheden waar José Arcadio geen tijd meer voor heeft, ook nog de bestrijding van incest – daar komen kinderen met varkensstaarten van en zelfs leguanen. Lees het boek of kijk de serie, want het magisch realisme is al even aan de gang, terwijl de geschiedenis van het geslacht zich ontwikkelt, de generaties elkaar opvolgen en uiteindelijk Macondo ontdekt wordt door de regering van het land en ingelijfd, de nieuwste generatie de trein wil en ook krijgt; en die brengt de Noord-Amerikanen mee die Macondo en omgeving binnen de kortste keren inpikken voor de bananenteelt door de United Fruit Company met als werkkrachten de bewoners van de streek – die feitelijk behandeld worden als slaven.
De arbeiders komen daartegen in opstand, die gruwelijk wordt neergeslagen; en uiteindelijk blijft één stamlid van de Buendía’s in leven.
Dit is een uiterst summiere samenvatting, beter is het om te proberen de serie te prijzen. De prachtige stem van de voice over, de perfecte gecaste acteurs, zoals Ursula, de grote moeder die de hele honderd jaar eenzaamheid overleeft. De vormgeving is overweldigend goed. Vele scènes doen denken aan het betere werk van Bertolucci, kosten noch moeite zijn gespaard om Macondo tot leven te brengen en te houden, zie ook de massa-scènes van de stakende arbeiders.
Waaruit je meteen kunt begrijpen waarom Marquez vreesde voor verfilming: als dat in Hollywoord zou gebeuren, zou daar dan niet de neiging kunnen ontstaan om de rol van de Amerikaanse kolonisten in de bananenrepubliek ietwat minder grof te laten overkomen?
Beterschap, Sante!